Kees van Oostenrijk: Schelmenromans in de bestuurlijke driehoek
Oktober 2010Zeker is dat ook het proces van werving en selectie van commissarissen sterk in beweging is sinds in 1997 corporategovernancecodes hun intrede deden. Daarna volgde de commissie-Tabaksblat en vervolgens kwam de wervelwind van doorgeprikte luchtbellen en crises over ons heen, leidend tot een steeds waakzamer oog van externe toezichthouders als de NMa, AFM en DNB. Resulterend in een serie zakelijke en emotioneel-rationele schelmenromans, op basis waarvan je je als commissaris en aandeelhouder vanzelf zou moeten afvragen: wat kan en wil ik hiervan leren? Meer dan ooit zijn de valkuilen voor de toezichthouders (1), en dus ook voor aandeelhouders (2) en bestuurders (3) aan de oppervlakte gekomen. In deze driehoek moet het gebeuren en gebeurt het wel of niet.
En dat begint inderdaad met werving en selectie. Het old boys network kan dan nog steeds de vijver zijn waarin wordt gevist op basis van veronderstelde zwemvaardigheid en waaruit loyaliteit en dienstbare, gewenste belangenbehartiging van de aandeelhouder(s) zouden kunnen voortvloeien. Inmiddels zien we dat dit traject steeds professioneler en transparanter inhoud wordt gegeven. Commissaris zijn vraagt nu eenmaal meer dan de pure en beperkte traditionele belangenbehartiging van weleer. Daarbij past het Scandinavische selectiemodel zeker. Wel met een graduele aanpassing, afhankelijk van type en omvang van de organisatie.
Maar waarop gaan we dan selecteren? Natuurlijk hebben we een profiel gemaakt en wordt de kandidaat tegen het licht gehouden. We vergeten dan even de vraag of we hem of haar zelf moeten laten solliciteren. Neen, dat doen we maar niet, want we vermoeden dat we zowel uit het old boys network als het new girls network weinig respons krijgen op deze manier. Hier kickt onze doelgroep niet op. Maar inmiddels hebben we daarvoor andere wegen. NKCC, Nationaal Register, netwerken van INSEAD en IMD, gespecialiseerde search professionals, consultants met focus op de toezichthouder, et cetera.
Is dat allemaal achter de rug, dan staat de kandidaat-commissaris voor de selectiecommissie, samengesteld uit de grootste aandeelhouder(s) en andere commissarissen, met als bij- of naastzit, de bestuurder(s). De kandidaat brengt zijn geloofsbrieven in de driehoek en het mystieke spel van vraag en antwoord begint. Een interessant gesprek. De relatie kan zich ontwikkelen vanuit zo'n eerste fase. De driehoek gaat positie kiezen of wordt zich in deze fase bewust van zijn positie. De passages uit de eigen ervaringswereld komen voorbij en worden gelardeerd met de meest aansprekende verhalen uit de schelmenromans.
Na de persoonlijk-zakelijke vrije uitwisseling van gedachten, gevoelens, strevingen en ervaringen komen we bij het commissarissenreglement en de relevante codes terecht. Aanwezig en verankerd? Oké, dan gaan we weer als gewone commissarismensen verder. Weer luisteren en vragen stellen. Waar vragen we door? Is dit het antwoord waarmee we verder kunnen? Waarom zijn die presentaties zo gelikt en de cijfers niet? Of denk ik als commissaris: mijn gevoel zegt, dat dit niet goed is, dat dit niet klopt. Mijn buikgevoel, mijn gezond verstand, ik kan er met mijn pet niet bij, laat staan met mijn verstand. Eigenlijk moeten we het anders gaan doen, maar hoe?
Kees van Oostenrijk is partner en vennoot bij Custom Management, interim-directeuren. Hij heeft verschillende commissariaten en vervult interim-directiefuncties, waarbij sprake is van strategische turnaroundsituaties en veranderingstrajecten.
Download PDF | Terug naar nieuws
Vennoten bij Kees van Oostenrijk: Schelmenromans in de bestuurlijke driehoek

